Zoek binnen Vervuiling en hinder

 
MILIEUFICHE: Leven in de elektrosmog - Deel 1: Mobiel bellen
*

Leven in de elektrosmog
Deel 1: Mobiel bellen

Patrick Verheye
 
 
   
  Inleiding
  Met de regelmaat van de klok duiken in de pers alarmerende berichten op over de schadelijke invloed van elektromagnetische straling op de volksgezondheid. Eén wetenschappelijk onderzoek pakt maar net uit met schadelijke gezondheidseffecten, of een ander onderzoek staat al klaar om dit met klem tegen te spreken. Door dit welles-nietesspelletje blijft de publieke opinie hoogspanningslijnen en GSM-masten met argwaan bekijken. Daarentegen, het alsmaar stijgend aantal GSM's dat als zoete broodjes over de toonbank gaat, laat vermoeden dat diezelfde publieke opinie bij de aanschaf van het teergeliefd speeltje haar bezorgdheid over schadelijke effecten op de gezondheid al gemakkelijk laat varen.

Na een korte maar - voor een goed begrip - noodzakelijke rondleiding in het elektromagnetisch spectrum, spitsen we de aandacht op twee categorieën van elektromagnetische straling die wegens hun mogelijke effecten op de volksgezondheid bij tijd en stond in de brandende actualiteit staan. Het gaat om de zgn. ELF-velden (Extreme Low Frequency) en de microgolven waarvan de GSM-communicatie zich bedient. ELF-velden worden niet alleen veroorzaakt door hoogspanningslijnen, maar ook door alle elektrisch aangedreven toestellen, apparaten en machines. Elektromagnetische verontreiniging begint dus bij het aanschakelen van de keukenmixer… Bij de GSM-communicatie zijn zowel de zendmasten als de GSM's zelf een bron van elektromagnetische straling.

Voor beide categorieën van elektromagnetische straling werpen we een licht op de stand van zaken van het wetenschappelijk onderzoek over mogelijke effecten op de volksgezondheid.
x

 

  [top]
  De technische achtergrond
  Het elektromagnetisch frequentie spectrum
  Het elektromagnetisch spectrum rangschikt de verschillende soorten elektromagnetische straling in functie van de frequentie. De frequentie is het aantal trillingen per seconde en wordt uitgedrukt in Hz (Hertz). Volgens toenemende frequentie vinden we in het elektromagnetische spectrum ELF en VLF-golven (respectievelijk Extreme Low Frequency en Very Low Frequency), radiogolven, microgolven, infrarood licht, zichtbaar licht, UV-licht, X-stralen en gammastralen.
  x
 
Frequentiespectrum
Figuur 1: Het elektromagnetisch frequentiespectrum
(Bron: MIRA, 1994)
  efs
  Elke frequentieband kent specifieke toepassingen. Zo komt ELF-straling (Extreme Low Frequency) met een frequentie kleiner dan 3KHz voor bij hoogspanningskabels, maar ook bij alle elektrisch aangedreven apparaten. Microgolven hebben een frequentie tussen 300 MHz en 300 GHz en komen o.a. voor bij radars, GSM-communicatie en in de microgolfoven.

In het elektromagnetisch spectrum hebben stralingen met een frequentie hoger dan 3 PHz (= 3 x 1015 Hz) een ioniserend karakter. Met toenemende frequentie stijgt eveneens de energie-inhoud van de elektromagnetische straling. Bij frequenties boven de 3 PHz zijn stralingen in staat om moleculen te ioniseren. Hierbij ontstaan vrije radicalen (uiterst reactieve moleculen) die vitale delen van de biologische cel (o.a. DNA, eiwitten,…) kunnen vernietigen. Zo hebben X- en gammastralen ioniserende eigenschappen. Voor meer informatie over ioniserende straling, zie ook de verschillende milieufiches over kernenergie (Dossier Kernenergie: Het atoom-dilemma, Kernenergie - Een stralende toekomst tegemoet?).

De hier verder besproken ELF-velden en GSM-golven behoren dus tot het niet-ioniserend gedeelte van het elektromagnetisch spectrum.

  [top]
  Wat zijn elektromagnetische velden?
  Als tussen twee punten een spanning wordt aangelegd, ontstaat er een elektrisch veld. Als er door een geleidende draad een stroom vloeit, ontstaat naast dit elektrisch veld bovendien een magnetisch veld.
Heel concreet: als de stekker van een lamp in het stopcontact steekt, staan zowel de draden als de lamp onder spanning (doorgaans 220 Volt) en stralen dus een elektrisch veld uit. Met een knip op de schakelaar vloeit er stroom naar de lamp en stralen lamp en draden nu ook een magnetisch veld uit. Spanning en stroom veroorzaken dus elektromagnetische velden.

Door de spanning in de tijd te laten variëren, ontstaan trillingen (golven). Meestal wordt het aantal trillingen per seconde (dit is de frequentie, uitgedrukt in Hertz, Hz) constant gehouden. Elke frequentie kent een specifieke toepassing: 50 Hz voor elektriciteitstransport, 100 MHz (100 miljoen trillingen per seconde) voor FM radiogolven, 900 MHz voor de GSM-communicatie en 2.450 MHz voor de microgolfoven. De frequentie van de straling is omgekeerd evenredig met haar golflengte.

  x
 

Freqgolf

  x
  Straling is in wezen een tweeslachtig verschijnsel: de theorie van golven en straling slaagt er niet altijd in om bepaalde eigenschappen van elektromagnetische straling volledig te verklaren. In dit geval moet de "deeltjes-theorie" bijspringen. In die zin bestaat een elektromagnetische golf uit een bundel stralingsdeeltjes. De frequentie van het stralingsdeeltje bepaalt zijn energie-inhoud. Het aantal deeltjes hangt af van de intensiteit van de stralingsbron. De energie van elektromagnetische straling hangt dan ook af van het aantal deeltjes (intensiteit) en de energie van één deeltje (frequentie).

Elektromagnetische golven vormen dus een energiestroom die zich in de ruimte met de snelheid van het licht voortplanten. Hoe hoger de frequentie en de intensiteit, hoe hoger de energie-inhoud van de elektromagnetische golf.

Het vermogen is het tempo waarmee energie wordt uitgestraald. Bij blootstelling aan elektromagnetische straling is de vermogensdichtheid van belang. Dit is het uitgestraald vermogen per oppervlakte-eenheid of de stralingsfluxdichtheid. De vermogensdichtheid is sterk afhankelijk van de afstand tot de bron. Hierbij maakt men onderscheid tussen een "nabij veld" en een "ver veld". In het nabije veld is er een interactie met de bron. Zo verstoort een metalen voorwerp in het nabije veld de richting van de straling. Hier worden het magnetisch of elektrisch veld apart berekend of gemeten.
In het verre veld is er geen interactie met de bron en geldt de omgekeerde kwadraatwet van de afstand. Als de afstand tot de bron verdubbelt, vermindert de vermogensdichtheid met een factor 4.

Tabel 1 geeft een overzicht van de verschillende elektromagnetische grootheden.

 

Tabel 1: Elektromagnetische grootheden

Grootheid Eenheid Omschrijving
Stroom A (ampère)  
Spanning V (volt)  
Elektrische veldsterkte V/m Volt per meter
Magnetische veldsterkte A/m Ampére per meter
Frequentie Hz Aantal trillingen (cycli) per seconde
Vermogen W Energie per tijdseenheid
Stralingsfluxdichtheid of vermogensintensiteit W/m2 Vermogen per oppervlakte-eenheid
  [top]
  Een waaier van microgolven
  Microgolven (MG) hebben een frequentie van 300 MHz tot 300 GHz en kennen een brede waaier van menselijke toepassingen. De soort van toepassing is afhankelijk van de frequentie.
 

Toepassingen in het frequentiegebied 300 MHz-300GHz

Frequentie Benaming Enkele toepassingen
300 MHz - 3 GHz UHF
Ultra High Frequency
Straalverbindingen, CB, TV, communicatie, radionavigatie, ISM*, microgolven, radar
3 GHz - 30 GHz SHF
Super High Frequency
Radar, communicatie, alarmen, plasmageneratie
30 GHz - 300 GHz EHF
Extreme High Frequency
Radar, radionavigatie, communicatie, satelietcommunicatie
* ISM: algemene aanduiding voor toepassingen in de industrie, de wetenschap en medische wereld (Industry, Science, Medicine).
  x
  De meest bekende voorbeelden van kunstmatige bronnen van microgolven zijn antennes van radio- en televisiezenders, het GSM-telefoonnetwerk (zendmasten en GSM-toestellen) en radarinstallaties. Andere bronnen zijn de huishoudelijke microgolfovens ('magnetrons') en industriële installaties voor drogen en verwarmen van allerlei materialen (bv. bij pasteuriseren, steriliseren, vulcaniseren, ...). Hoewel deze ovens hoge vermogens (0,5 tot 100 kW) leveren, zijn ze niet met microgolfzenders te vergelijken. De ovens zijn zo geconcipieerd dat het microgolfvermogen in de oven gevangen blijft. Slechts een klein deel van de straling kan uit dit gesloten systeem "weglekken". Zenders daarentegen zijn open systemen die hun opgewekt vermogen via een antenne vrij in de omgeving sturen.

Daarnaast zijn in onze technologische maatschappij tal van onopvallende bronnen van microgolven actief: automatische deuropeners voor winkels (10 mW), alarm- en inbraakbeveiligingen (10-100 mW), verkeersradars (10-100 mW), controlesystemen voor verkeerslichten (10-100 mW), straalverbindingen (10 tot 10 kW), apparaten voor kinesitherapeutische behandelingen (300 W),…

  [top]
 

Het GSM-netwerk

  De GSM-technologie in België kent haar opmars sinds '94 en werkt met zendsignalen in de frequentieband 850-915 MHz voor de mobilofoon en 935-960 MHz voor het basisstation (de GSM-mast). Sinds '98 kwam ook het DCS1800 (Digital Cordless System of GSM-1800) voor mobiele telefonie in gebruik. Dit systeem maakt gebruik van de frequentiebanden 1.710 - 1.785 MHz voor de mobilofoon en 1.805-1.880 MHz voor het basisstation. Door de dubbel zo brede frequentieband van dit systeem in vergelijking met de GSM, kan ook een dubbel aantal mensen op hetzelfde ogenblik bellen. Het GSM-netwerk bestaat uit de draadloze verbinding tussen de antenne van het handtoestel (Mobile Station, MS) en het basisstation (Base Tranceiver Station, BTS).

De antennes van het basisstation worden vast opgesteld, wat zorgt voor een optimale bediening van een veldgedeelte of cel. Een aantal BTS's zijn verbonden met een schakelcentrum (Mobile Switching Centre, MSC). Dit schakelcentrum zorgt voor een vlotte overschakeling in beide richtingen van de communicatie tussen het GSM-netwerk en andere netwerken (openbaar telefoonnet, netwerken voor data,…). Een GSM-gebruiker verplaatst zich van de éne naar de andere cel en wil toch ongestoord blijven telefoneren. Naarmate de abonnee zich verwijdert van een basisstation, verzwakken de communicatiesignalen. Het GSM-toestel onderzoekt daarom de sterkte van de signalen van de basisstations van de aangrenzende cellen. Die resultaten worden via de basisstations doorgeseind naar het schakelcentrum, dat indien nodig de verbinding door een aangrenzend BTS laat overnemen. Intussen is het UMTS-netwerk, de zogenaamde derde generatie GSM-technologie, van start gegaan. Het UMTS-netwerk bedient zich van een frequentieband tussen de 1.900 en 2.200 MHz.

  x
 

  [top]
  De GSM-gekte gekneld tussen ruimtelijke ordening en volksgezondheid
  Een mobilofoonnetwerk bestaat dus uit een gebiedsdekkend netwerk van basisstations. Iedere antenne van een basisstation bestrijkt hierbij een (cirkelvormig) deelgebied of cel. De reikwijdte van het basisstation - van enkele honderden meter tot maximaal 35 km - bepaalt de grootte van een cel. Op het platteland zijn de cellen het grootst; in de steden het kleinst. Een basisstation voor een kleinere cel heeft een lager uitzendvermogen nodig. Door meer basisstations in gebruik te nemen, kan elk station een kleiner gebied voor zijn rekening nemen. In dit scenario daalt het uitgezonden vermogen en eveneens het elektromagnetisch veld van elk basisstation. Meer basisbastions spelen dus door hun lager uitgezonden elektromagnetisch veld in de kaart van de volksgezondheid. Een fijnmaziger netwerk biedt tevens het voordeel van een hogere capaciteit en stelt aanzienlijk meer mensen in staat om op hetzelfde moment mobiel te bellen. Daartegenover staat uiteraard een forse stijging van het aantal zendmasten dat verder het landschap en de open ruimte aantast. De mobiele telefonie zit dus gekneld tussen de zorg voor de ruimtelijke ordening, de bekommernis om de volksgezondheid en de niet-aflatende maatschappelijke drift naar mobiele bereikbaarheid. Ondertussen staat het nieuwe GSM-netwerk voor de derde generatie (het "UMTS"-netwerk) te trappelen van ongeduld om zijn opmars te maken…
  [top]
  Inplanting GSM-masten strakker aan banden gelegd?
  De inplanting van de GSM-masten verliep in de beginjaren bijzonder wild. Zonder veel controle werden GSM-masten boven op een heuveltop te midden een weids landschap neergepoot of kwamen GSM-masten van verschillende operatoren knal naast elkaar te staan. Gejaagd door de concurrentiestrijd wou elke GSM-operator - in België zijn dat Proximus, Mobistar en Base - zo snel mogelijk zijn abonnees een gebiedsdekkend netwerk aanbieden. Met de "Telecomcode" wist de Vlaamse overheid deze drie operatoren tot orde te roepen. Deze code bepaalt om in eerste instantie te zoeken naar inplantingsplaatsen op (niet-bewoonde) hoge gebouwen (vb. watertoren, kerktoren,…) of het dubbel gebruik van pylonen (site-sharing) na te gaan. In dit laatste geval maken meerdere operatoren gebruik van één en dezelfde zendmast. Verder drijft de Telecommode de GSM-masten bij voorkeur naar reeds aangetaste gebieden (industrieterrein, langs autosnelweg,…) om kwetsbare zones (natuurgebied, beschermd landschap,…) zoveel mogelijk te sparen. Vanuit het mogelijk risico voor de volksgezondheid is het aangewezen om inplantingplaatsen nabij scholen, woonwijken of ziekenhuizen of op appartementsgebouwen te mijden. In Zwitserland is de inplanting van GSM-masten op woningen, scholen en ziekenhuizen verboden. Met de recente schorsing van een vergunning voor een GSM-mast in Anthisnes (Wallonië) herinnert de Raad van State zowel de overheid als de GSM-operatoren aan de toepassing van het voorzorgsbeginsel. In haar arrest (2000) stelde de Raad van State: "Zolang niet aangetoond kan worden dat er géén schadelijke effecten op de gezondheid zijn, is het gezondheidsrisico belangrijk genoeg om deze vergunning voor de GSM-mast te vernietigen." Deze uitspraak zet de deur open om in de toekomst GSM-masten in de buurt van woonwijken, scholen en ziekenhuizen bij de Raad van State aan te vechten.
  [top]
   
  Schaadt mobiel bellen de gezondheid?
  Absorptie van microgolven
 

Mensen zijn a.h.w. antennes voor zowel natuurlijke als kunstmatig voortgebrachte elektromagnetische straling. Het zenuwstelsel is een echte elektrische installatie die via ingenieuze electrochemische processen communicatie tussen cellen en organen mogelijk maakt. Die lichaamseigen elektriciteit kan men meten, en kent vele nuttige toepassingen: denk maar aan het elektrocardiogram, het elektro-encephalogram enz.
Deze elektrische installatie is op verschillende manieren beschermd tegen storingen van buitenaf, maar ook hier is 'trop' teveel.

De energie van microgolven worden in het menselijk lichaam (menselijke cellen bestaan vooral uit water) in warmte omgezet. Bij blootstelling aan microgolven is de hoeveelheid energie die het menselijk lichaam daadwerkelijk opneemt bepalend voor de aard en omvang van mogelijke effecten. Het geabsorbeerd vermogen per kg lichaamsgewicht wordt uitgedrukt in het Specifieke Absorptie Tempo (SAR = Specific Absorption Rate, W/kg). De metabolische warmteproductie bij een volwassen mens in rust bedraagt ongeveer 80 Watt. Per kilogram lichaamsgewicht komt dit gemiddeld overeen met 1 W. Bij een matige lichaamsinspanning loopt dit op tot 4 W/kg.

  Processen als de bloedsomloop en het zweten zorgen voor de nodige warmteafvoer en verhinderen oververhitting. Een gezond lichaam kan dus geabsorbeerde energie moeiteloos verwerken op voorwaarde dat deze energie slechts een fractie van de eigen warmteproductie bedraagt.

Blootstelling aan microgolven gaat gepaard met opwarming van het bestraald weefsel (zie kaderstukje: de biologische, niet-thermische effecten van microgolven). Tot een bestraling van 0,4 W/kg zijn er bewezen thermische effecten waargenomen. Rekening houdend met een veiligheidsfactor van 5 wordt daarom een Specifieke Absorptie Tempo (SAR= Specific Absorption Rate) van 0,08 W/kg over het volledig lichaam als voldoende veilig geacht.

De absorptie van energie is niet enkel afhankelijk van de hoeveelheid energie van de straling, maar ook van de invalshoek, de frequentie, de afmetingen van de bundel en de vorm en de eigenschappen van het lichaam. Bovendien kunnen golven tegen wanden of harde structuren botsen en interfereren met de invallende bundel. Dergelijke reflecties ontstaan bij ijzeren voorwerpen (vb. telefoneren in auto, trein,…) maar ook tegen de botstructuren in het hoofd. Bij het mobiel bellen kunnen zo bepaalde delen van de hersenen lokaal intens bestraald worden (zgn. "hot spots"). Bovendien is de lokale opwarming in de hersenen een vrij onnatuurlijke belasting, die moeilijk te vergelijken valt met de warmtebelasting van het lichaam in de volle zon, bij het haardvuur of bij het halfuurtje joggen.

  [top]
  Biologische effecten van microgolven
  De effecten van microgolven worden opgedeeld in thermische en niet-thermische effecten. Thermische effecten treden op bij stralingsniveaus groter dan 10mW/cm2. Lagere stralingsniveaus resulteren in niet-thermische effecten.  
X
  Thermische effecten
  De thermische effecten van microgolven variëren van een warmtegevoel (vanaf 30 mW/cm2 zijn microgolven "voelbaar") bij lage stralingsniveaus, via pijn (zoals bij het naderen van een vlam), tot brandwonden bij sterke stralingsniveaus. Dergelijke ernstige effecten kunnen enkel optreden bij nadering van zware industriële bronnen en krachtige televisiezenders of radarantennes. Onder normale omstandigheden staan enkel beroepshalve personen (onderhoudspersoneel,…) aan deze risico's bloot. Een ander thermisch effect van microgolven is de ontaarding van sommige eiwitten. Dat is bijvoorbeeld wat er met het eiwit en eigeel gebeurt als men een eitje bakt. Bij temperaturen rond 40°C worden zo "warmte shock proteïnen" aangemaakt.
  [top]
  Niet-thermische effecten
  De wetenschappelijke literatuur beschrijft bij laboratoriumstudies op cellen en op proefdieren tal van niet-thermische effecten van microgolven (zie kaderstukje). Het bestaan van sommige effecten wordt doorgaans wel erkend, maar duidelijke aanwijzingen dat ze ook schadelijk voor de mens zijn, ontbreken alsnog. De jongste tijd is er vooral ophef over GSM-communicatie als oorzaak van kanker. Zo toonde een studie aan dat microgolven het genetisch materiaal in de hersenen van ratten beschadigden. Een gelijkaardig onderzoek kon deze resultaten echter niet bevestigen. Bij kankergevoelig gemaakte muizen traden bepaalde vormen van bloedkanker op bij geregelde blootstelling van GSM-signalen.
Eind 2004 werd de Europese REFLEX-studie gepubliceerd, het product van een samenwerkingsverband tussen 12 onderzoeksgroepen in 7 Europese landen. De studie wou het in vitro effect van ELF-straling, onder de energiedensiteit van de huidige veiligheidsnormen, nagaan op individuele menselijke cellen. Dit om te kijken of ELF-straling op moleculair niveau dezelfde beschadigingen kan aanbrengen - zoals mutaties, verstoringen van de celdeling of celdood – die geassocieerd zijn met kanker en neurodegeneratieve ziektes als Alzheimer en Parkinson. Het onderzoek toonde aan dat ELF-straling het DNA van menselijke cellen wel degelijk kan beschadigen.

Er werd wel voor gewaarschuwd dat deze bevindingen niet onomstotelijk bewijzen dat GSM-straling effectief die ziektes veroorzaakt die geassocieerd worden met dergelijke DNA-beschadigingen. De studie toont wel het moleculair mechanisme aan waardoor dergelijke ziektes via ELF-straling zouden kunnen ontstaan. Hierbij moet opgemerkt worden dat bepaalde effecten enkel werden opgemerkt in bepaalde celsoorten. Daarom is er volgens de auteurs dringend verder onderzoek nodig. Intussen raden ze aan de mobiele telefoon spaarzaam te gebruiken.

Extrapolatie van dergelijke onderzoeksresultaten naar schadelijke gezondheidseffecten op de mens ligt bijzonder moeilijk. Bij mobilofonie wordt - omdat de gebruiker het GSM-toestel dicht bij het hoofd houdt - hersenkanker als een potentieel risico aangewezen. Maar ook dit effect is nog niet onomstotelijk bewezen. Recentelijk maakte het Amerikaanse Journal of the National Cancer Institute haar resultaten van een grootschalig epidemiologisch onderzoek bij 420.095 klanten van 2 Deense GSM-operatoren bekend. In die periode (1982-1995) kregen 3.391 mensen één of andere vorm van kanker. Dit is een normaal te verwachten aantal kankergevallen bij elke gemiddelde groep van die grootte over die tijdsspanne. Belangrijk is het gegeven dat de onderzoekers geen verschillen vaststelden tussen gebruikers die al langer belden en nieuwe gebruikers noch tussen intensieve en gematigde gebruikers. De onderzoekers stipten aan dat de invloed van GSM op andere ziektes als Parkinson en Alzheimer en kwalen als hoofdpijn en migraine nog verder onderzoek verdienen.

Omdat GSM-communicatie nog een vrij jonge technologie is, blijft het voor de gezondheidseffecten op lange termijn alsnog koffiedik kijken.

  [top]
  Normen
  De SAR (Specific Absorption Rate, zie hoger) van 0,08 W/kg vormt de basisrestrictie voor de blootstelling van de bevolking aan elektromagnetische straling. Deze Europese "pré-norm" geldt als een gemiddelde over het hele lichaam en gedurende elke periode van 6 minuten. Deze norm wordt verder verfijnd naar limietwaarden voor lokale of gedeeltelijke blootstelling van het lichaam. Uitgemiddeld over 6 minuten en over 10 g weefsel mag de SAR maximaal 2 W/kg bedragen. De SAR kan echter niet rechtstreeks in het lichaam gemeten worden. In de praktijk worden dan ook maximale dichtheden van vermogen en energie van de elektromagnetische straling gehanteerd, zodat onder normale omstandigheden de norm niet wordt overschreden. Inzake normering zijn twee blootstellingsniveaus belangrijk: de blootstelling aan straling van de basisstations, en rechtstreekse blootstelling aan stralen van het gsm-toestel.
  [top]
  Op het niveau van basisstations
  Inzake normering wordt de ICNIRP-richtlijn (International Commission for Non-Ionising Radiation Protection) veelal als referentie aanvaard. Deze richtlijn hanteert volgende referentieniveaus voor elektromagnetische straling, uitgaand van de norm van 0,08 W/kg.
  x
 

Referentieniveaus elektromagnetische straling
volgens het ICNIRP*

Frequentie (MHz) Toepassing Elektrische veldsterkte (V/m) Gemiddelde stralingsfluxdichtheid (W/m2)
900 MHz GSM 42 4,75
1.800 MHz DCS 1.800 58 9,00
*: ICNIRP staat voor: International Commission for Non-Ionising Radiation Protection.
  x
  Bij handhaving van deze referentieniveaus wordt de SAR onder normale omstandigheden niet overschreden. Een systematisch meetnet van elektromagnetische straling ontbreekt momenteel in België. Wel zijn er fragmentarische meetgegevens uitgevoerd op algemeen toegankelijke plaatsen in en rond scholen, ziekenhuizen en appartementen ter beschikking. De gevonden waarden (zowel bij de GSM- als DCS1.800-basisstations) liggen allemaal ver beneden deze referentieniveaus. De meest gevonden waarden liggen met een factor 50 onder de referentieniveaus; de hoogst gevonden waarden liggen nog 12 maal onder dit niveau.
Het typisch uitgestraald vermogen van een GSM-mast bedraagt tussen 10 en 100 W. De vermogensintensiteit daalt echter kwadratisch met de afstand. Bij een mast van 100 W bedraagt de vermogenintensiteit op een tiental meter afstand 1 W/m2; op 100 meter afstand nog 0,01 W/m2. GSM-masten "kijken" richting horizon of er net iets onder, zodat de maximale intensiteit op grondniveau zich typisch enkele honderden meters van de GSM-mast bevindt. In feite is de straling van GSM-masten een peuleschil in vergelijking met de vermogensintensiteit van een GSM (zie verder), die op enkele centimeters van het hoofd wordt gehouden. Ook wordt opgemerkt dat de vermogensdichtheid in de onmiddellijke omgeving van zendmasten veel lager is dan in de buurt van zendstations van radio en TV (in de grootte-orde van kW).

Sinds 29 april 2001 is er in België een KB van kracht dat nog verder dan de ICNIRP-richtlijn gaat. Het legt bijvoorbeeld in het 900 MHz-gebied een maximale elektrische veldsterkte van 20,6 V/m op. Dit KB werd echter op 15 december 2004 door een arrest van de Raad van State omwille van een procedurefout vernietigd. Intussen is er sinds 10 augustus 2005 een nieuw KB van kracht dat dezelfde blootstellingsnormen als het vorige KB hanteert. Sinds 2001 moet bij elke installatie van een antenne, dus ook van een GSM-mast, de eigenaar een technisch dossier samenstellen over de elektromagnetische impact van zijn antenne. Dat dossier wordt beoordeeld door het Belgisch Instituut voor Postdiensten en Telecommunicatie (BIPT). Daarmee wordt afgestapt van de voorheen geldende aanpak die de implanting van antennes regelde via een gewone bouwaanvraag.

  x
 
- boven 3 V/m worden in de wetenschappelijke literatuur biologische effecten beschreven (weliswaar niet steeds bevestigd of naar menselijke gezondheid gerelateerd);
- de norm van 3 V/m is eveneens de Europese norm voor elektromagnetische compatibiliteit en geeft zodoende ook bescherming aan personen met medische implantaten. Elektromagnetische straling kan namelijk de werking van medische implantaten (vb. pacemaker,…) verstoren;
- de strengere norm van 3 V/m stelt geen economisch probleem. De tot nu uitgevoerde metingen vallen onder deze grens. Het is echter niet zeker of toekomstige technologieën zoals vb. 'de derde generatie gsm', UMTS (zie kaderstukje), van meet af aan ook onder de 3 V/m blijven;
- een scherpere norm komt tegemoet aan de onzekerheden over de blootstelling van genetisch gevoelige en zwakke individuen (vb. kinderen en foetussen).
  [top]
 


   
  Op het niveau van de mobilofoon
  Op elk moment wordt het vermogen van het GSM-toestel geregeld tot een niveau dat een goede kwaliteit voor de communicatie oplevert. Het uitgezonden vermogen van de mobilofoon is afhankelijk van de afstand tot het basisstation: hoe korter de afstand, hoe lager het uitgezonden vermogen van de telefoon. In de praktijk ligt dit vermogensniveau lager dan 2 W. De mobilofoons van 8 W verdwijnen van de markt of worden enkel nog gebruikt met een antenne op het autodak. Hierdoor wordt het zendvermogen beperkt.
Een GSM-toestel in stand-by zendt nog elektromagnetische golven uit, maar aan veel lager vermogen dan tijdens de spraakcommunicatie. Alleen een uitgeschakeld toestel is vrij van elektromagnetische straling. Bij het gebruik van de GSM wordt het hoofd lokaal bestraald. Op een afstand van enkele centimeters levert een GSM een vermogensintensiteit in de grootte-orde van 100 W/m2. De absorptie van elektromagnetische straling mag de SAR-limietwaarde van 2W/kg (zie: normen) niet overschrijden.

Wetenschappers nemen deze norm op de korrel, omdat ze de onnatuurlijke belasting van de lokale bestraling in de hersenen niet echt in rekening brengt. Ook al zijn op dit moment nog geen schadelijke effecten op de gezondheid aangetoond, toch heeft de Hoge Gezondheidsraad een aantal aanbevelingen voor de mobiele beller in petto:

 
- als frequent mobiel bellen beroepshalve noodzakelijk is, kan men gebruik maken van hoofdtelefoon-microfoon combinaties die handenvrij bellen mogelijk maken;
- het gebruik van de GSM in ruimtes met metalen vlakken (vb. trein, auto,…) veroorzaakt een verviervoudiging van de vermogensdichtheid van de straling. Het is dus de keuze van de mobiele beller om zich hier al dan niet aan bloot te stellen. Technisch kan het zendvermogen in de auto met een dakantenne beperkt worden;
- omwille van de verkeersveiligheid is handenvrij bellen in de auto aangewezen. Een blik op het straatbeeld leert dat deze recente wettelijke verplichting nog verre van ingeburgerd is.
  [top]
 


   
  Conclusies
  Bij GSM-communicatie liggen de risico's voor de volksgezondheid voornamelijk bij hoofde - letterlijk en figuurlijk - van de mobiele beller. Beschikbare wetenschappelijke gegevens wijzen er niet op dat mobiel bellen onder normale omstandigheden (korte gesprekken met beperkte gebruiksduur per dag!) schadelijk voor de gezondheid is. Toch rijzen vragen naar eventuele effecten - zeker op lange termijn - van de onnatuurlijke belasting van de lokale bestraling in de hersenen.

Eén van de onderzoeksprioriteiten die steeds genoemd worden is de nood aan langdurige epidemiologische studies. Mobiele telefonie is een recente technologie en mogelijke gezondheidseffecten zouden zich pas na verloop van langere tijd kunnen manifesteren. Een Zweedse studie toonde recent aan dat bij een groep mensen met meer dan 10 jaar GSM-gebruik een verhoogd aantal akoestische neuromen, een goedaardige tumor van de gehoorzenuw, kon worden vastgesteld. Bij mensen die minder dan 10 jaar hun mobiele telefoon gebruiken was dat niet het geval. Dezelfde onderzoekers vonden echter geen evidentie voor een verhoogde prevalentie van hersentumoren.
Een andere lancune in het onderzoek is dat naar het effect van GSM-gebruik bij kinderen. Kinderen zouden wel eens een kwetsbare groep kunnen zijn voor GSM-straling omwille van hun zenuwstelsel dat nog in volle ontwikkeling is.

De huidige stand van het onderzoek naar de negatieve gezondheidseffecten van ELF-straling kan kort samengevat worden. Voor elke studie die een verband aantoont, is er één die hetzelfde verband weerlegt. Daardoor doet de controverse die er rond ELF-straling bestaat erg denken aan soortgelijke polemieken rond de gezondheidseffecten van tabak en asbest. De meerderheid van de studies tot nu toe tonen echter geen negatieve gezondheidseffecten aan. Intussen lijkt iedereen het over twee zaken eens. Vooreerst het voorzorgsbeginsel dat stelt dat zolang de schadelijkheid of onschakelijkheid van ELF-straling niet onomstotelijk kan worden aangetoond, je best voorzichtig met je GSM-toestel omgaat. Zo min mogelijk gebruiken en een oortje of hoofdset zouden de geabsorbeerde straling verminderen. En ten tweede: er is meer onderzoek nodig.

De gezondheidsrisico's verbonden met antennes op GSM-masten zijn eerder ondergeschikt van aard. Dit neemt niet weg dat de inplanting van GSM-antennes zorgvuldiger dan nu kan gebeuren. Een voorafgaand onderzoek naar blootstellingswaarden van elektromagnetische stralen op toegankelijke plaatsen bij de bouwaanvraag is dan ook wenselijk. Daarnaast dringt een striktere opvolging van andere bronnen als zendantennes voor TV, radars, het communicatienetwerk ASTRID van de politie, zich op. Door de GSM-gekte weten deze bronnen de dans van de media-aandacht te ontspringen. Nochtans zijn deze bronnen niet minder belangrijk…
  [top]
  Patrick Verheye
  is freelance auteur en copywriter.

Met dank aan Guy Vandenbosch (Departement Elektrotechniek, ESAT-Telemic, KUL) voor de inhoudelijke suggesties bij het tot stand komen van dit artikel.

  [top]
  Bibliografie
 
Anoniem GSM en kanker: wat meer zekerheid, EOS, 2001, nr. 4, blz. 94
Anoniem Aanbeveling van de raad van 12 juli 1999 betreffende de beperking van blootstelling van de bevolking aan elektromagnetische velden van 0 Hz - 300 Hz, Publicatieblad van de Europese Gemeenschap, 30 juli 1999, blz. L199/59 - L199/70,
Grietens Eric GSM-masten zorgen voor opschudding, Milieurama, 2001, nr. 1, blz.12-13.
Martens Luc, Inneke Claes en Els van Walsum Niet-ioniserende straling, In: Van Steertegem, M., 2000, Mira-S 2000, scenario's, Garant en Vlaamse Milieumaatschappij, Leuven, blz 479-486.
Martens L. en Verschaeve L. Niet-ioniserende straling In: Vandeweerd V. (red.), MIRA-T 1999, Milieu- en natuurrapport Vlaanderen: thema’s, Vlaamse Milieumaatschappij en Garant, Leuven 1999, blz. 323-333.
Martens L., Verschaeve L. en De Wagter C. Hinder: niet-ioniserende straling, in: Verbruggen A., 1994, Milieu- en natuurrapport Vlaanderen, Leren om te keren, Gararant en Vlaamse Milieumaatschappij, Leuven, blz 411-428.
Van Loock Walter Gezondheid en elektromagnetisme, Academia Press, 1999.
Vandenbosch Guy GSM-straling en gezondheid: wat zegt de wetenschap?, Het Ingenieursblad, 2000, nr. 12, blz. 47-51.
Wulf-Dietrich Rose Elektrostress, De invloed van elektrische apparatuur en installaties op onze gezondheid, Uitgeverij Ankh-Hermes bv, Deventer,1990
  [top]
  Interessante links
 
www.bbemg.ulg.ac.be website van de Belgian BioElectroMagnetic Group
www.stopumts.nl website van campagne die ijvert voor de verlaging van de blootstellingslimieten aan ELF-straling
www.hpa.org.uk website van de Engelse Health Protection Agency over elektromagnetische straling
www.who.int/peh-ELF/en/ website van de Wereld Gezondheidsorganisatie over ELF
v www.bipt.be website van het Beglisch Instituut voor Postdiensten en Telecommunicatie
  [top]
  Bronnen
 
Broens, Bert Proximus brengt nieuwe mobiele technologie HSDPA op de markt. In De Tijd, 26 november 2005.
Meeus, Ronald Tot 34.000 extra GSM-masten.
In De Morgen, 22 juli 2005.
Lönn et al. Mobile phone use and the risk of acoustic neuroma, Epidemiology, Vol 15, No 6, 653-659, November 2004.
National Radiation Protection Board A summary of recent reports on mobile phones an health (2000-2004). Januari 2005.
 
  [top]
  KADERSTUKJES
  De derde generatie GSM
In september 2005 pakte Proximus uit met UTMS-diensten voor mobiele telefonie. Video-telefonie, het downloaden van muziek en televisie op de GSM worden daarmee mogelijk. UMTS (Universal Mobile Telecommunication System) wordt ook wel 3G genoemd, wat staat voor de derde generatie GSM-technologie. Voor 3G-diensten is een krachtiger signaal nodig, omdat de verstuurde informatie veel zwaarder is. Dit omwille van de grotere bandbreedte die vereist is voor het versturen van de audio-visuele bestanden. Ook het aantal zendmasten zal door deze technologie in de komende jaren toenemen. Volgens GSM-operator Base zouden er voor een nationaal UMTS-netwerk tussen de 20 à 40.000 masten nodig zijn. Minister van Economie Marc Verwilghen (VLD) schat dat er tegen eind 2007 tussen de 8 à 9.000 zendmasten zullen staan. Vandaag zijn dit er 6.000.
 
Intussen bestaat er ook al een opvolger voor de 3G-technologie, de 3,5 G of HSDPA-technologie (High Speed Downlink Packet Access). Deze technologie laat snellere downloads toe tot 1,2 Mbps in plaats van 384 kbps voor UMTS.

De hoge technologische vlucht die de mobiele technologie neemt – 3G, maar ook draadloos internet – maakt dat de wetenschappelijke bevindingen over de gezondheidseffecten van al die technologie een achterstand oplopen.

Een GSM SAR-wijzer
Voor wie bezorgd is om de SAR-waarde van zijn GSM kan op de website www.sarvalues.com de SAR-waarde van de meest courante modellen raadplegen. In Europa staan sinds 2002 garantielabels op GSM-verpakkingen die aanduiden dat de GSM conform is aan de aanbevelingen rond stralingsbeperking.

Elektromagnetische hypersensitiviteit
Ongeacht het rookgordijn dat ophangt rond de negatieve gezondheids-effecten van ELF-straling, zijn er mensen die hun gezondheidsklachten effectief toeschrijven aan hun blootstelling aan dergelijke straling. De symptomen die zij ervaren zijn divers: jeuk, branderig gevoel van de huid, vermoeidheid, concentratieproblemen, misselijkheid, hartkloppingen en spijsverteringsstoornissen. Vreemd is dat de aard van de symptomen geografische verschillen vertoont. Over de prevalentie zijn geen accurate cijfers bekend. In de media wordt zelfs bericht over ‘elektrovluchtelingen’ die verhuizen naar stralings-armere plekken of hun slaapkamer isoleren met aluminiumfolie.
Onderzoek op mensen met een dergelijke elektromagnetische hypersensitiviteit (EHS) heeft aangetoond dat zij de aanwezigheid van ELF-straling niet beter kunnen detecteren dan niet-EHS individuen. Er is tot heden nog geen toxicologische of fysiologische basis gevonden voor het optreden van EHS.
 
  [top]
  Beschreven niet-thermische effecten van microgolven
(niet noodzakelijk aanvaard als bewezen)
  • Veranderingen in centraal zenuwstelsel
  • Veranderingen in bloed-hersen barrière
  • Veranderingen (neuro)endocrien systeem
  • Gedragswijziging
  • Veranderingen in cardiovasculair stelsel
  • Veranderingen in cerebrovasculair stelsel
  • Erfelijke afwijkingen en kanker
  • Hematologische afwijkingen (bloedspiegel,…)
  • Gehooreffecten
  • Cataract (staar)
  • Misvormingen van de vrucht
  • Groei- en ontwikkelingsstoornissen
  • Subtiele fysiologische wijzigingen
  • Afwijkingen in afweer tegen ziektes
  • Thermoregulatiestoornissen
  • Stofwisselingstoornissen
  • Verandering in doorlaatbaarheid van membranen
  [top]
  Werking van de microgolfoven
De watermolecule - die het meest in voedingswaren voorkomt - trilt onder de werking van microgolven heen en weer. Deze beweging verhoogt de kinetische energie van de watermolecules, waardoor het voedsel opwarmt.
  [top]
  Lekkende microgolfovens
Een studie van het VITO wees uit dat de gemiddelde lekstraling van microgolfovens 0,2 mW/cm2 bedraagt. Dit is 25 maal minder dan de toegelaten emissienorm van 5 mW/cm2. De intensiteit van de lekkende straling daalt kwadratisch met de afstand. Al vanaf een korte afstand is de straling dan ook zo goed als tot nul herleid.
  [top]

 

 
RECENTE ARTIKELS
Artikel De elektronische afvalstroom naar Afrika en Aziƫ en wat eraan te doen
Jan Bosteels, Freelancejournalist Wat gebeurt er met ons elektronisch afval nadat we het hebben weggegooid? Een...

Vervuiling en hinder Vervuiling en hinder

 
Fiche MILIEUFICHE: Leven in de elektrosmog - Deel 1: Mobiel bellen
Met de regelmaat van de klok duiken in de pers alarmerende berichten op over de schadelijke invloed van...

Vervuiling en hinder Vervuiling en hinder