ARGUS milieu
ARGUS informeert en inspireert voor een duurzame, milieuvriendelijke samenleving 
  • A   A   A  
  •  
  • Over ARGUS
  • ARGUSactueel
  • ARGUSkenniscentrum
  • Contact
  •  
 
Login of registreer
 
  • Home
  • Kennis & Info
  • ARGUSprojecten
  • ARGUS steunt
  • ARGUSwinkel
  • Over ARGUS
  • Mijn ARGUS
  •  
  • ARGUSkenniscentrum
  • Debatten & seminaries
  • E-Nieuwsbrieven
  • Milieutips
  • ARGUSfilmforum
  • Archief
  •  
Home > Kennis & Info > Debatten & seminaries > Archief

RSS Archief

22 januari 2004 - ARGUSdebat: 'Integraal waterbeheer - De weg naar duurzaam watergebruik’

Op 22 januari 2004 organiseerde ARGUS vzw samen met de Leerstoel Integraal Waterbeheer van de Universiteit Antwerpen het debat ‘Integraal Waterbeheer – De weg naar duurzaam watergebruik’. Ter inleiding lichtte Patrick Meire, hoofddocent UA en bestuurder bij ARGUS, de belangrijkste elementen toe van het integraal waterbeheer. Hij benadrukte in de eerste plaats de complexiteit ervan. Om het watersysteem te begrijpen is dan ook op verschillende vlakken integratie nodig.

In de eerste plaats is integratie op wetenschappelijk-inhoudelijk vlak vereist: hoe zit dit complexe systeem in elkaar, wat gebeurt er en hoe verhouden de verschillende componenten zich tot het geheel? De hydrologische cyclus is hier het aanknopingspunt bij uitstek, aldus Meire. Vooral de draagkracht en de grenzen ervan staan centraal. De draagkracht kan min of meer worden aangepast aan de hand van harde of zachte technologie. Technologische maatregelen kunnen natuurlijke functies en gebruiksfuncties van het watersysteem beter met elkaar in overeenstemming brengen, maar hebben hun beperkingen.

Ook op het organisatorisch vlak is de complexiteit groot. De grote geografische en fysische verschillen, de vele verschillende aanspraken die op waterlopen worden gemaakt van bron tot monding vertalen zich in een enorme verscheidenheid aan bevoegdheden, beheersorganen, betrokken partijen enz. Integratie is hier een moeilijke, maar noodzakelijke oefening.
En tenslotte dringt zich ook een juridische integratie op: hoe krijgen we al de verschillende wetgeving, besluiten, plannen,… op elkaar afgestemd?
Om deze drie vormen van integratie te realiseren dringen zich nieuwe samenwerkingsverbanden op, waarbij alle betrokken actoren op alle niveaus
een inbreng hebben.

Water is voor de drinkwaterproductie een grondstof, aldus Stan Beernaert, directeur-generaal VMW, waarmee drinkwater wordt geproduceerd. Naast dit zuivere bedrijfsproces, voeren de drinkwaterproducenten ook een overheidsopdracht uit: de burger heeft recht op water, zuiver drinkwater is essentieel voor de volksgezondheid en er mag geen winst op worden gemaakt. Hierover zijn er afspraken met de overheid.
De sector heeft er zelf alle belang bij om de limieten te kennen en te respecteren: men kan niet om het even waar, om het even hoeveel water onttrekken. Bovendien gebruiken ook andere bedrijven water in hun productieproces.
Waar tegelijk aanspraak wordt gemaakt op water is er in het verleden automatisch overleg gegroeid. Met het aantreden van het nieuwe decreet Integraal Waterbeheer zal dit overleg met nog meer partners, en over nog meer onderwerpen moeten worden gevoerd. Het is hierbij zaak te waken over de evenwaardigheid van de verschillende partners in dit overleg en over een degelijke belangenafweging. Verborgen agenda’s zijn uit den boze. Dit alles met respect voor de draagkracht van het systeem, want alleen dan is duurzaamheid gegarandeerd.

Volgens Marc Van den Bosch, adviseur van de studiedienst VEV, is de industrie in zekere zin concurrent van de waterwinningssector. Niet alleen in productieprocessen, maar ook als afvoer van afval en als transportmiddel. Maatschappelijk gezien heeft de industrie het echter moeilijker dan de drinkwaterwinning, juist door het algemene belang van zuiver drinkwater. Bedrijven betalen vandaag heel veel in de vorm van investeringen in zuiveringstechnologie, heffingen enz. Bovendien wordt de overheid strenger bij het toekennen van vergunningen. Hierbij ligt de lat voor het ene bedrijf vaak hoger dan voor het andere: in gebieden die weinig extra milieuvervuiling aankunnen, zal men bepaalde activiteiten gewoon niet meer kunnen uitvoeren, of wordt veel meer dan de gebruikelijke Best Beschikbare Techniek geëist. Als ondernemingsklimaat is dit niet interessant. Toch blijft de industrie grote inspanningen leveren. Andere doelgroepen zoals de landbouw en de huishoudens zouden hierbij niet mogen achterblijven, vindt Van den Bosch.

Voor Rudy Vannevel van de Vlaamse Milieumaatschappij is de biodiversiteit een goede indicator van hoe duurzaam onze ontwikkeling is. Hij waarschuwt duurzaam waterbeheer niet te verwarren met integraal waterbeheer, want die twee zijn niet noodzakelijk hetzelfde. In een duurzaam beheer staan cijfermateriaal en de milieuverstoringsketen centraal. Cijfers zijn nodig om de relatie tussen beleid en de reële situatie op het terrein in kaart brengen. We evolueren hierin steeds meer van louter meten, naar het opstellen van balansen (massa-, water-, vuilvracht-,…). Balansen kunnen krachtige modellen voeden om, bijvoorbeeld, milieukosten te voorspellen. De milieuverstoringsketen laat toe de onderlinge verbanden te onderzoeken tussen vervuiling, de toestand op het terrein, beleidsmaatregelen en de verschillende actoren.

De Europese kaderrichtlijn water, de basis van het nieuwe decreet integraal waterbeheer, bevat die twee centrale elementen nochtans niet. Deze richtlijn heeft vooral tot doel een uniformisering door te voeren en meer samenhang te creëren. De ontwikkeling van een duurzaam integraal waterbeheer is dan ook maar net gestart, en de weg is lang. Toch is Vannevel hoopvol. Vandaag beschikken we over massa’s gegevens, moderne databanken en informatietechnologie om toch efficiënt met grote hoeveelheden informatie om te gaan. Natuurlijk is een model of simulatie maar zoveel waard als de data waarmee wordt gerekend.

Ludo Plessers kijkt terug op hoe de Administratie van Waterwegen en Zeewezen de voorbije decennia is geëvolueerd en constateert een enorme verandering. Tot de jaren tachtig was de opdracht van AWZ er één van ‘betoningenieurs’: verzeker droge voeten en een veilige scheepvaart door verhoogde dijken, rechtgetrokken rivieren, gebetonneerde oevers, … Deze maatregelen hadden echter een enorme impact op andere functies van het watersysteem: ecologische functies, recreatie, drinkwaterproductie, landschappelijke functie,… Vandaag wordt maximaal getracht die verschillende functies met elkaar te verzoenen. Er wordt gerekend met hoog- en laagwaterscenario’s, rivieren krijgen meer de vrije loop, met dijken verder van de rivier en natuurlijke overstromingsgebieden, …
Plessers onderstreept wel dat het huidige decreet integraal waterbeheer vooral de nadruk legt op de ecologische functie en vrij streng is voor de scheepvaart. Het is belangrijk om de impact van de scheepvaart toch ook in een bredere context te bekijken. Scheepvaart blijft hoedanook een enorm milieuvriendelijke vorm van transport. Ook Plessers wijst erop dat een duidelijk en goed gestructureerd overleg tussen alle betrokken partijen noodzakelijk, maar zeker niet gemakkelijk is.

C, bestuurder Studiegroep Omgeving, weet dat water in de ruimtelijke ordening altijd al een belangrijke rol heeft gespeeld. Rivieren en beekvalleien zijn belangrijke ordenende elementen in het Structuurplan Vlaanderen, maar ook in de provinciale en gemeentelijke structuurplannen.
De kans dat een bepaald gebied overstroomt, of het feit dat gebieden recent overstroomd waren, wegen meer en meer door bij beslissingen inzake ruimtelijk beleid.
Naast de draagkracht van het watersysteem mag echter ook de maatschappelijke draagkracht niet worden vergeten, aldus Wuillaume.
Het is belangrijk dat de burger ‘mee’ blijft. Het decreet integraal waterbeheer moet nog worden aangevuld met uitvoeringsbesluiten. Op dit moment is er rond verschillende belangrijke punten nog onduidelijkheid. Bijvoorbeeld, wat zal de precieze rol zijn van de zgn. watertoets, die de impact op het watersysteem van bepaalde activiteiten op voorhand moet inschatten?
De grote hoeveelheid wetgeving met een weerslag op het ruimtegebruik (integraal waterbeheer, maar ook inzake erfgoed, het bodemsaneringsdecreet, de natuurwetgeving,…) maakt het geheel niet eenvoudiger.
Misschien is hierbij een nieuwe taak weggelegd voor de ruimtelijke planning als integrerende factor, maar dan moeten de huidige rol en positionering ervan worden herbekeken.

Alle leden van het panel beamen dat er nood is aan overleg met een evenwaardige inbreng van de verschillende partners. Dreigt dit alles niet op de lange baan te schuiven?
Meire: Maar al te vaak worden kort op de bal, op een pragmatische manier beslissingen genomen. Soms is dat nodig, maar er is zeker ook nood aan een langetermijnvisie. Vergeet niet dat harde ingrepen in het watersysteem een blijvende impact hebben. Dat betekent niet dat men jaren moet twijfelen over het al of niet toelaten van jetski’s op een recreatieplas. Het aspect omkeerbaarheid is heel belangrijk in de afweging van wat wel kan en wat niet. Soms mag een beslissing gerust wat langer op zich laten wachten, als dit voorkomt dat onherstelbare schade wordt aangericht.

Vragen uit het publiek

Op de vraag vanuit het publiek of de langetermijnvisie en –doelstellingen voor het watersysteem wel te verenigen zijn met de kortetermijncycli van de politiek antwoordt Patrick Meire dat dit inderdaad een groot probleem is. Hij voegde hieraan toe dat problemen nog al te vaak eerder vanuit een pragmatische, dan vanuit een goed doordachte visie worden opgelost. Nochtans kan het oplossen van specifieke problemen een niet te onderschatten competitief voordeel geven. Heel vaak wordt door op korte termijn te investeren in duurzame oplossingen, grote kosten op langere termijn vermeden.

Paul Wuillaume beaamt dit, maar waarschuwt voor het creëren van teveel onzekerheid. Als beslissingen te lang uitblijven, krijgt men al gauw de indruk dat er geen beslissingen meer worden genomen.

Een andere vraagsteller opperde dat we vandaag te veel nadruk leggen op natuur en ecologie en waarschuwde voor ‘ecodictatuur’.
Patrick Meire: voor de mens is water van levensbelang. Maar dat is geen vrijgeleide om ecologische systemen te ondermijnen, want dan zetten we ook
de andere functies van het waterecosysteem op de helling. Zo is de natuurlijke waterzuivering efficiënt en gratis. In een gezonde waterloop moet geen vis worden uitgezet enz. Streven naar een gezond ecosysteem is dan ook terecht een belangrijk element in het duurzameontwikkelingsstreven, naast aandacht voor de sociale en economische context.

Ludo Plessers voegde hieraan toe dat er toch wel fundamenteel iets veranderd is. Als vandaag het waterpeil nauwgezet wordt opgevolgd, is dat ten behoeve van de scheepvaart, maar tegelijk ook in functie van de verdrogingsproblematiek. Het AWZ werkt momenteel aan geobjectiveerde scenario’s voor alle waterlopen om mogelijke problemen van de waterkwantiteit (bv. Kerncentrale van Doel, landbouw, industrie,…) op tijd te ondervangen.

Iemand uit het publiek uitte ook zijn zorg over het enorme drinkwaterverbruik van consumenten. Van de 290 verbruikte liters drinkwater per gezin per dag dient slechts een drie a vier liter voor consumptie. Is die extra winning echt noodzakelijk en kan er niet meer gebeuren om een rationeler gebruik van drinkwater te stimuleren?

Stan Beernaert verduidelijkte dat het geproduceerde water van de drinkwatermaatschappijen niet alleen voor consumptie en andere gebruiksvormen belangrijk is, maar ook een zekere comfortsituatie moet vrijwaren. Terwijl er veel functies zijn die perfect door bv. gecapteerd regenwater kunnen worden voorzien, moet men er toch rekening mee houden dat niet iedereen ook regenwater kan opvangen (bv. appartementsbewoners). Er is ook het praktische probleem van de aansluitingen: één verkeerde doe-het-zelfaansluiting kan de drinkwaterbevoorrading van een hele straat hypothekeren. Maar Beernaert beaamt tegelijk dat het de consument wel heel gemakkelijk gemaakt wordt. Sensibiliseringscampagnes rond waterverspilling zullen dus altijd nodig zijn.
Tenslotte onderstreept hij dat door verstandige investeringen in het verleden, een doordachte exploitatie en de opbouw van een reserve zijn grote watertekorten tijdens de uitzonderlijk warme zomer van 2003 vermeden.

Terug
  • facebook link Zet op Facebook
  • twitter link Retweet
  • Digg link Digg deze pagina
  • print link Print deze pagina
  • addthis link More
  •  
 
 

Debatten & seminaries

  • Agenda
  • Archief
  •  

FACEBOOK
Word fan van ARGUS

 

WANDELZOEKTOCHTEN
Wandelen met argusogen

 
 
2000 - 2012 © Argusmilieu  -  Disclaimer  -  Sitemap  -  Contact  -  site by 2Mpact